‘GRUTTO 16 – 17 KIEVIT’, zo staat er bij een foto op Wannes’ Instagram. Het is geen voetbaluitslag, wel het aantal nesten dat hij van beide vogels vond in Berlare. “Een opdracht die ik deed op vraag van Regionaal Landschap Schelde-Durme. Zonder detectie was de stand ongetwijfeld 0-0 geweest. Dan waren ze maaislachtoffers geworden of gevat door roofdieren.” Voor landbouwers is het vaak onmogelijk om zelf de nesten te spotten op hun akkers. “Ze zijn piepklein, gecamoufleerd en zitten goed verscholen. Landbouwmachines gaan daar zo over.”
Elk nest dat Wannes vindt, duidt hij met gps-coördinaten aan op een kaart. “En op basis van de foto’s determineer ik de soort. Alle gegevens worden gebruikt om de nesten te beschermen.”
Dat beschermen kan op meerdere manieren. “Met landbouwers kan overeengekomen worden dat ze rond de nesten maaien of ploegen. In natuurgebied worden nesten die nog niet uitgebroed zijn soms afgerasterd. Er komt dan een net rond dat roofdieren tegenhoudt.” Want ook predatoren als de vos, de marter of de kraai weten de nesten snel te vinden. “Omdat de broedbiotoop van de vogels zo klein geworden is, zitten ze dikwijls met veel bij elkaar. Roofdieren kunnen er zonder veel moeite voedsel vinden. Een ‘gedekte tafel’ noemen ze dat.”